dinsdag 22 september 2015

Drie dingen die je echt moet weten over pesten

Het is de week tegen pesten, en de media staan bol van de aandacht. Nu is het risico groot dat de meesten volgende week opgelucht ademhalen en overgaan tot de orde van de dag. Er is immers al zoveel waar het onderwijs aandacht aan moet besteden, tegenwoordig.

Daarom even heel kort: drie dingen die je echt moet weten over pesten.

1.      Wat is pesten?

Wat is pesten eigenlijk? Vaak wordt verwezen naar de omschrijvingen van pesten, zoals het fysieke mishandelen: schoppen, duwen, knijpen, slaan; het verbale mishandelen: schelden, beledigen, dreigen, belachelijk maken; het materiële beschadigen: spullen kapot-, kwijtmaken of opeisen en het sociaal buitensluiten of negeren.
Dit zijn symptomen van pesten. Zoals je griep kunt beschrijven aan de hand van snot, pijn en koorts, kun je pesten op deze manier beschrijven. Het pesten zelf is net als de griep de overkoepelende verklaring voor de symptomen: pesten is het doelbewuste en structurele proces van sociale buitensluiting en beschadiging door een groep.

2.     Hoe herken je pesten?

Het probleem bij pesten is dat je het als leerkracht, ouder of betrokkene niet altijd ziet. Een belangrijk onderdeel van pesten is namelijk de definitie van het slachtoffer: deze wordt steevast (met verwijzing naar algemeen aanvaarde maatschappelijke normen) negatief gelabeld: iemand is “een na-aper”, hij “stinkt” of is dik, lui, gemeen, agressief of “niet weerbaar”. Hierdoor gaan mensen oprecht geloven dat het pesten aan het slachtoffer te wijten is. Zo lijkt het geen pesten, maar deugt de persoon gewoon niet. Zelfs leerkrachten en scholen kunnen hierin meegaan: door het vervelende gedrag (voortdurend klagen dat hij of zij gepest wordt) hebben zij een probleem.  Maar al te vaak verlaat het slachtoffer de school, in plaats van dat het pesten actief wordt aangepakt. In de pestende groep ontstaat vanzelf een nieuw slachtoffer…
Hoe herken je pesten? Aan de symptomen die onder punt 1. genoemd werden, maar vooral aan het feit dat deze steeds dezelfde persoon treffen en dat er in de groep een zekere consensus is dat het aan het slachtoffer ligt. Het zijn géén incidenten, maar vallen in een patroon. Het gedrag van het slachtoffer (huilen, overgevoelig, onzekere uitstraling) is meestal juist het gevolg van pesten. Een weerbaarheidscursus heeft alleen zin als de pestende groep aangepakt wordt, want in een zieke omgeving zal niemand gezond worden. Elk gedrag dat de gepeste vertoont, wordt immers negatief gelabeld? Dus ook het weerbare gedrag. Je ziet zelfs dat een slachtoffer dat écht voor zichzelf opkomt, meestal met veel geweld door opgebouwde frustratie, van school gestuurd wordt wegens “gedragsproblemen”. Of erger, zie de trieste steekpartij in Voorburg.

3.     Wat helpt nou echt tegen pesten?

Pesten is alleen op te lossen door het te zien als een probleem van de hele groep. Er is in de groep blijkbaar een evenwicht ontstaan ten koste van één of meerdere personen. Er zijn mensen die dit “natuurlijk” noemen, onvermijdelijk, het hoort er nu eenmaal bij, maar die zien over het hoofd dat in een onveilige groep alle betrokkenen onder de sfeer lijden. Je ziet dat kinderen vooral druk zijn met elkaar en met hun positie in de klas. Ze komen amper toe aan leren, aan zichzelf ontwikkelen als stabiel en positief mens, want daarvoor zijn juist rust en veiligheid nodig.
Pesten is dus een probleem van de groep en daarmee een leiderschapsprobleem. Op scholen geldt dat leerlingen gedwongen zijn daar elke dag naartoe te gaan, de kinderen zijn aan elkaar overgeleverd. Dit maakt scholen medeverantwoordelijk. Daarnaast spelen volwassenen niet zelden een legitimerende rol bij het pesten: een kind dat bij de leerkrachten niet geliefd is, is extra kwetsbaar bij pesten. Leraren doen niet altijd mee aan het pesten, maar ondersteunen dit wel door halfbakken op te treden of het slachtoffer openlijk af te wijzen: jij bent een zeurpiet. Of tegen de ouders: uw kind moet maar eens wat weerbaarder worden.

Wat echt helpt tegen pesten is inzicht in pesten als groepsprobleem en een krachtige stellingname en samenwerking van het hele team voor een veilige en gelukkige school. Dat komt de leerprestaties, het werkplezier en het levensgeluk van álle betrokkenen, docenten en leerlingen, ten goede. Wie wil dat nou niet?


Lees echt alles over pesten in mijn boek: Alles over Pesten


https://www.boompsychologie.nl/product/2395/Alles-over-pesten

vrijdag 21 augustus 2015

Alleen maar zinnige adviezen. Boekrecensie het Antidieetboek van Eetschrijver Gerrit Jan Groothedde

Tijdens mijn vakantie las ik met ontzettend veel plezier Het Antidieetboek van “Eetschrijver” Gerrit Jan Groothedde.

Om te beginnen moet iedereen dit boek lezen. Of je nu op dieet wil, of juist niet. Of je jezelf nu te zwaar vindt of niet. Dit boek staat boordevol kennis over ons voedingspatroon en vooral: over de markt en de kwaliteit van ons voedsel.

De grootste veroorzaker van de toename van obesitas en onze problemen met onze gezondheid is – en dat laat Groothedde op vele manieren zien-  ons eetpatroon en met name de manier waarop deze door de supermarkten en  de voedings- en frisdrankindustrie wordt vormgegeven. Deze industrie is er namelijk vooral op gericht ons zoveel mogelijk te laten consumeren, gemaksvoedsel is niet alleen gemakkelijk, maar ook maximaal verslavend: we eten er teveel van, en willen steeds meer. Daarbij worden we aan alle kanten misleid, bijvoorbeeld omdat eindeloze marketing ons heeft laten geloven dat tussendoortjes normaal zijn, en je hooguit kunt kiezen voor een ‘gezond tussendoortje’, bijvoorbeeld een stuk ontbijtkoek dat voor bijna de helft uit suiker bestaat. Bovendien eten we vooral heel veel van hetzelfde, met name waar het brood betreft. Ons voedingspatroon is op die manier losgezongen van wat ons lichaam nodig heeft.


Groothedde heeft een nieuwe manier gevonden om terug te keren naar een gezond-verstand eetpatroon op basis van contact met je lichaam en bewuste keuzes voor gevarieerd eten. – en viel daar zelf 35 kilo mee af (waarbij hij nadrukkelijk zegt dat dit gebaseerd is op ervaringen van één persoon). Deze manier is géén dieet, maar een leefpatroon en de Eetschrijver presenteert zich nadrukkelijk niet als een goeroe, maar reikt hooguit kennis en inzicht aan, de rest moet je zelf doen.

Dat laatste lijkt me op basis van dit boek nog niet helemaal makkelijk, niet alleen ontbreken concrete menu’s of lijstjes (logisch, omdat je het zelf moet doen, maar dat maakt de drempel wat hoger), ook sluit de nieuwe leefwijze niet echt aan bij de inrichting van de samenleving, de sociale omgeving, de werkplek. Voor mij blijft het allemaal nog wat abstract, zeker gezien het feit dat ik bij het koken ook rekening te houden heb met een hardwerkende (en zeer kieskeurige) man en een schoolgaande puber (idem). Maar ik denk dat iedereen die dit boek leest zich in ieder geval eens achter de oren gaat krabben bij de inzichten uit dit heerlijk leesbare boek. En wat je er vervolgens mee doet, is aan jou.

Okee, één tipje van de sluier dan (want dat boek moet je echt lezen): neem je calorieën niet tot je in vloeibare vorm. “Smoothies doen niets voor je wat de ingrediënten in ongepureerde vorm niet veel beter doen. Je lijf snapt echt totaal NIETS van smoothies.”


Veel leesplezier!

Gerrit Jan Groothedde: het Antidieetboek. Afvallen zonder kuren of andere fratsen volgens Eetschrijver. Uitgeverij Spectrum 2015.